Wet Banenafspraak

Loonkostensubsidie en voorzieningen via de gemeente, UWV en Belastingdienst

Op 1 april 2015 is de Wet Banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten ingegaan. Destijds zijn afspraken gemaakt om 125.000 extra banen bij reguliere werkgevers voor mensen met een arbeidsbeperking te creëren. De wet banenafspraak die in 2025 is aangenomen bevat een nieuwe quotumregeling. De quotumheffing is namelijk vervangen door een quotumregeling met een bonus-malus-systematiek. De malus is een opslag op de premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds. De bonus is een verhoging van het loonkostenvoordeel doelgroep banenafspraak.

Versie: 11 jun 2026

Het doelgroepenregister wordt beheerd door het UWV. De volgende groepen heeft het UWV, zonder dat nader onderzoek nodig is, opgenomen in het register:

  1. Wajongers met arbeidsvermogen;
  2. Wajongers die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben en werken bij een reguliere werkgever;
  3. Mensen met een Wet sociale werkvoorziening indicatie;
  4. Mensen met een Wiw-baan of ID-baan;
  5. Mensen met een WIA-uitkering die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn (IVA) en werken met loondispensatie.

De volgende groepen kunnen ook worden opgenomen in het doelgroepenregister:

  • Mensen die behoren tot de doelgroep van de Participatiewet, waarvan het UWV na een beoordeling van arbeidsvermogen vaststelt dat zij niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen.
  • (Voormalige) leerlingen voortgezet speciaal onderwijs (vso) of het praktijkonderwijs (pro) die bij het UWV een beoordeling arbeidsvermogen hebben aangevraagd.
  • Mensen die via de Praktijkroute in het doelgroepregister instromen.
  • Mensen met een beperking die is ontstaan voor de 18e verjaardag of tijdens studie. En zij kunnen alleen het wettelijk minimumloon verdienen met een werkvoorziening (bijvoorbeeld een vervoersvoorziening of een brailletoetsenbord). Hiervoor is een beoordeling werken met een voorziening aangevraagd.

  1. Mensen die door een arbeidsbeperking niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen, kunnen zelf of via de gemeente een beoordeling arbeidsvermogen aanvragen bij UWV. Krijgt diegene na beoordeling een positieve indicatie banenafspraak dan komt die persoon in het doelgroepregister te staan. Tegen deze beoordeling arbeidsvermogen kan bezwaar gemaakt worden, niet tegen de opname in het doelgroepregister. Deze persoon kan wel op zijn profiel op werk.nl aangeven dat hij niet herkenbaar wil zijn als iemand die valt onder de doelgroep van de banenafspraak.
  2. Mensen die praktijkonderwijs of voortgezet speciaal onderwijs hebben genoten, kunnen een aanvraag beoordeling arbeidsvermogen doen bij UWV. Zij worden dan direct zonder verdere beoordeling in het doelgroepregister geplaatst.
  3. Een werknemer kan ook zonder beoordeling van UWV, via de Praktijkroute, in het doelgroepregister instromen.

De praktijkroute houdt in dat de medewerker twee maanden of langer (te bepalen door de gemeente) bij u gaat werken met behoud van uitkering (proefplaatsing). In die periode vindt meting van de loonwaarde plaats.

Als blijkt dat deze minder dan 100 procent van het WML is, kan de kandidaat via de gemeente aangemeld worden voor het doelgroepregister, zonder beoordeling door UWV. Vervolgens kan er een dienstverband worden aangeboden met loonkostensubsidie op basis van de vastgestelde loonwaarde. De praktijkroute kan ook ingezet worden tijdens een Werkervaringsplaats.

Als dat niet het geval is, dan vraagt de gemeente, in overleg en met goedkeuring van de kandidaat,  aan het UWV om de kandidaat op te nemen in het doelgroepenregister van de banenafspraak.

Indien iemand overlijdt, de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, er een beschikking is voor beschut werk.

Daarnaast kunnen personen verzoeken hun opname in die registratie te beëindigen als zij niet meer voldoen aan de criteria van arbeidsbeperkten. Het UWV beoordeelt of nog aan de voorwaarden wordt voldaan. Als iemand na een positieve beoordeling niet meer in het doelgroepregister is opgenomen, hoort hij/zij niet meer tot de doelgroep banenafspraak.

Tegen een besluit tot uitschrijving uit het doelgroepregister kan een werkgever bezwaar maken. Dit kan als de werkgever van mening is dat de werknemer nog wel voldoet aan de eisen voor het zijn van een arbeidsbeperkte.

De baan telt niet langer mee voor de banenafspraak/quotumregeling. Hiernaast verlies de werkgever een aantal voordelen, waaronder de no-risk polis.

De baan telt niet langer mee voor de banenafspraak/quotumregeling. Hiernaast verlies de werkgever een aantal voordelen, waaronder de no-risk polis.

Zowel UWV, gemeenten en werkgevers kunnen in het doelgroepregister nakijken wie tot de doelgroep banenafspraak behoort. Raadpleging gebeurt conform AVG-richtlijnen en uitsluitend met gerechtvaardigd doel. Burgers kunnen dit voor zichzelf opvragen via Mijn UWV op uwv.nl

Welke regelingen kunnen bij gemeenten aangevraagd worden?

Een proefplaatsing houdt in dat iemand werkzaamheden verricht bij een werkgever voor een periode van, in principe, 2 maanden zonder arbeidsovereenkomst. De duur kan afhankelijk van de kandidaat worden bekeken. De mogelijkheid van een proefplaatsing is bij uitstek geschikt voor beide partijen. Dit om te wennen aan de werkrelatie, werkervaring op te doen en/of te onderzoeken welke taken het beste passen bij de belanghebbende. Er moet wel altijd de intentie zijn om iemand na de proefplaatsing in dienst te nemen. De aanvraag voor een proefplaatsing loopt bij de gemeentelijke regelingen via de gemeente. Bij een kandidaat op basis van een UWV-regeling loopt de aanvraag bij UWV.

Wanneer een werkgever een werknemer met een arbeidsbeperking in dienst neemt, kan er waarschijnlijk aanspraak gemaakt worden op loonkostensubsidie (LKS). De werkgever betaalt alleen voor iemands ‘loonwaarde’. De loonwaarde is de daadwerkelijke arbeidsproductiviteit (uitgedrukt in een percentage) van het werk dat een werknemer kan verrichten.

In overleg met de werkgever wordt, bij indiensttreding, gedurende maximaal een halfjaar de LKS forfaitair (50/50) ingezet. De werkgever is niet verplicht hieraan mee te werken. In dit halfjaar vindt de loonwaardemeting na vier a vijf maanden plaats. De meting gebeurt mede op basis van informatie van de werkgever.

Hoe werkt het?

  • Loonkostensubsidie is bedoeld voor werkgevers die iemand in dienst nemen die een arbeidsbeperking heeft. Het gaat om werknemers die door hun arbeidsbeperking een lagere productiviteit hebben. 
  • De loonkostensubsidie vergoedt het verschil tussen loonwaarde en het minimumloon. Het is bedoeld voor werknemers die onder de doelgroep van de banenafspraak vallen. Met dit instrument compenseert de gemeente werkgevers voor de verminderde productiviteit van de werknemer. Voorwaarde is dat de aanvraag voor indiensttreding of uiterlijk binnen zes maanden na indiensttreding dient te gebeuren.
  • De werkgever vraagt loonkostensubsidie aan voor een werknemer die minder dan het wettelijk minimumloon kan verdienen.
  • Een loonwaarde-expert stelt op de werkplek de loonwaarde van de werknemer vast. Deze expert wordt door de gemeente aangewezen.
  • De werkgever vraagt de loonkostensubsidie aan bij de gemeente waar de werknemer staat ingeschreven.
  • Mocht het cao-loon hoger zijn dan het minimumloon, dan zijn de meerkosten voor rekening van de werkgever.
  • Loonkostensubsidie kan nooit meer zijn dan 70% van het wettelijk minimumloon.

Dekt het risico van ziekte af, inclusief doorrekening van de WIA in de premie. De polis is bij medewerkers uit de doelgroep banenafspraak blijvend geldig. De no-riskpolis dekt het risicovaste salaris, maar niet emolumenten als vakantiegeld en eindejaarsuitkering.

Ziekmeldingen dienen binnen zes weken na ziek worden gedaan te worden via het werkgeversportaal UWV, met vermelding van de no-riskpolis.

Een jobcoach geeft persoonlijke begeleiding en ondersteuning aan werknemers bij het aanleren van diverse vaardigheden, stelt doelen op en is bereikbaar als er problemen ontstaan.

Bij een interne jobcoach verzorgt de werkgever zelf de begeleiding. De werkgever kan de kosten hiervan onder een aantal voorwaarden bij de gemeente declareren, mits de jobcoach gecertificeerd is.

Bij een externe jobcoach verzorgt een erkende jobcoachorganisatie of de uitvoerende instantie de begeleiding. De jobcoach legt verantwoording af aan de gemeente. Invulling gebeurt in overleg, afhankelijk van de situatie.

Ook heeft de gemeente een aantal eigen jobcoaches in dienst welke ondersteuning kunnen bieden. De duur van jobcoaching wordt bepaald op basis van individuele behoefte en kan worden verlengd. Gebruikelijk is echter een periode van maximaal 3 jaar.

Voor de geldende voorwaarden raden we u aan contact op te nemen met uw contactpersoon bij de gemeente.

Als het dienstverband minimaal zes maanden is, kunnen de kosten van noodzakelijke extra voorzieningen worden vergoed. Dit kan zijn:

  • aanpassing van de werkplek;
  • de aanschaf van hulpmiddelen;
  • aanpassing van de inrichting van de werkgever.

Het moet hier wel gaan om aanpassingen die niet van de werkgever gevraagd kunnen worden in het kader van goed werkgeverschap.

Dit gaat onder andere om meeneembare voorzieningen voor bijvoorbeeld doven of motorisch gehandicapten. Voorzieningen vallen onder maatwerk en worden individueel beoordeeld door gemeente. De werknemer moet de vergoeding in principe zelf aanvragen, maar u kunt als werkgever ook contact opnemen.

De gemeente kan scholing vergoeden om de kans op werk te vergroten. Ook de combinatie van leren en werken is mogelijk. Bijvoorbeeld een combinatie van opleiding met een stage of met een vak leren in de praktijk.

Welke regelingen kunnen bij het UWV aangevraagd worden?

Deze voorzieningen gelden voor mensen welke een uitkering ontvangen van het UWV. Hierop is een uitzondering, namelijk voorzieningen voor visueel beperkten. Dit omvatten hulpmiddelen voor werk zoals brailleleesregels, voorleessoftware of vergrotingssoftware. Het UWV verstrekt werkvoorzieningen voor deze doelgroep ook waar het mensen betreft die normaliter onder de Participatiewet vallen.

Loondispensatie is een tegemoetkoming in de loonkosten. Werkgevers mogen dan tijdelijk minder loon betalen aan werknemers met een Wajong- of IVA-uitkering. Dit mag als deze werknemers minder werk aankunnen dan werknemers in dezelfde functie. UWV vult het loon van deze werknemers aan met een Wajong-uitkering.

Voorwaarden

  • De werknemer heeft een Wajong-uitkering.
  • De werknemer kan door een arbeidsbeperking minstens 6 maanden minimaal 25% minder werk aan dan andere werknemers in dezelfde functie.

Werkgevers moeten het werknemers vertellen als ze de loondispensatie gaan aanvragen. En ook waarom ze dat doen.

Binnen 14 weken nadat het UWV de aanvraag heeft ontvangen, krijgt de werkgever een brief waarin staat of die loondispensatie krijgt.

Loondispensatie kan niet met terugwerkende kracht worden toegepast maar wordt toegekend per de eerste van de maand waarin de aanvraag is gedaan. Het is derhalve aan te raden zo snel mogelijk een aanvraag in te dienen.

Heeft u vragen over dit onderwerp?

Onze accountmanagers banenafspraak staan voor u klaar.